De term “groengas” verwijst naar de methaanfractie van biogas. Biogas wordt geproduceerd door anaerobe vergisting van biomassa – een microbiologisch proces waarin micro-organismen verteerbare biomassa omzetten in een gas, bestaande uit methaan en CO2. De overgebleven biomassa – digestaat genaamd – kan worden gebruikt als organische meststof. De reactie vindt plaats in lauw water, om het water te verhitten wordt een deel van het biogas verbrand.
Als grondstoffen voor biogas wordt in het ETM uitgegaan van een mengsel van dierlijke mest en geteelde snijmaïs, een in Nederland veel voorkomende combinatie van grondstoffen. De snijmaïs wordt ingekuild na de oogst, om gedurende het jaar een continu aanbod van maïs te hebben. De gebruikte mest zou anders in een mestsilo of -kelder zijn opgeslagen waar het spontaan zou vergisten en methaan zou produceren. De geproduceerde methaan zou in dat geval naar de atmosfeer worden uitgestoten en tot een flinke emissie aan broeikasgassen leiden.
Biogasproductie is voornamelijk een lokale activiteit op kleine schaal, heel anders dan de grote centrales zoals die in het ETM zijn opgenomen. Om het gas te kunnen gebruiken in centrale elektriciteitscentrales moet het gas geïnjecteerd worden op het nationale gasnet om het op deze manier naar deze centrales te vervoeren. Om het gas te kunnen injecteren moet het echter een samenstelling en druk hebben vergelijkbaar met het aardgas dat normaal via het gasnet wordt vervoerd. Het biogas wordt daarom gezuiverd en het methaan wordt geïsoleerd (doormiddel van onder druk wassen met water), gedroogd en gecomprimeerd. De elektriciteit die daarvoor nodig is wordt van het elektriciteitsnet gehaald.
Over de hele keten bekeken heeft groengas een aanzienlijk lagere uitstoot (± 85% lager) van broeikasgassen dan fossiel aardgas, maar het is geen compleet klimaatneutrale brandstof. Het gebruik van stikstofkunstmest in de maïsteelt en elektriciteitsgebruik bij het behandelen van biogas resulteren in een significante emissie van broeikasgassen. Deze bedraagt - uitgedrukt ten opzichte van de emissies in de aardgasketen - ongeveer 45% van de broeikasgasemissie gerelateerd aan het gebruik van aardgas. Het voorkomen van de methaanuitstoot uit de uitgespaarde conventionele mestopslag compenseert deze emissies echter grotendeels.
De maximale productie aan groengas in Nederland is ca. 40 PJ per jaar, vanwege het begrensde aanbod aan mest en de beperkte beschikbaarheid van landbouwgrond voor teelt van snijmaïs voor biogasproductie.
De getallen en referenties die gebruikt zijn om de ketenemissies van groengas te kwantificeren zijn te vinden op onze 'Reference Manager'. De documentatie van de ketenanalyse kun je van hier downloaden (opent in een nieuwe tab).